Voorkomen is beter dan genezen, raadpleeg het curatele- en bewindregister

AGIN Otten Gerechtsdeurwaarders • 9 juli 2020

Stel u neemt een opdracht aan en levert op rekening aan klanten. Achteraf blijken betrokkenen echter onder bewind te staan, maar u heeft uw diensten reeds uitgevoerd. De kans is dan aanwezig dat u kunt fluiten naar uw centen. Waarom?

Wanneer uw klant op het moment van aankoop geregistreerd staat in het openbare curatele- en bewindregister, maar u als ondernemer dit niet vooraf raadpleegt, kunnen rechtbanken u dit verwijten en bij non-betaling de vordering afwijzen. Maar moeten deze klanten niet gewoon zelf aangeven dat ze onder bewind staan? Dat is dan toch hún verantwoordelijkheid? Volgens de rechter ligt de verantwoordelijkheid in deze echter tóch bij de ondernemer. Onder bewind gestelden zijn immers juist in dat register opgenomen omdat zij tijdelijk of duurzaam of niet in staat zijn ten volle hun vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Als vervolgens de ondernemer niet overgaat tot contact met de bewindvoerders van de klant, zoals het in die gevallen zou moeten, dan ligt het financiële risico van de opdracht bij de ondernemer. Deze kan namelijk op eenvoudige wijze de identiteit van de wederpartij controleren door bijvoorbeeld een identiteitsbewijs te vragen en vervolgens het register te raadplegen.

3 voorbeelden:

1.Groot feest

Een echtpaar organiseert een groot feest voor ruim 5000 euro, met alles er op en er aan. Na het feest kwam de rekening, maar die kon het echtpaar niet betalen. De horecaondernemer daagt het echtpaar voor de rechter, maar dán komt alsnog de bewindvoerder aan bod. Deze stelt de vordering niet te erkennen vanwege de onderbewindstelling en dat de horecaondernemer dit had kunnen weten. Conclusie: vordering afgewezen.

2.Abonnement inclusief telefoon

Een dagblad heeft een abonnementsaanbieding inclusief levering van een nieuwe mobiele telefoon. Een onder bewind gestelde sluit vervolgens zo’n abonnement af. De bewindvoerder wist van niets en komt pas ná het vonnis achter de nieuwe schuld. Het bewindregister biedt vervolgens uitkomst want het dagblad had kunnen weten dat betrokkene daarin stond. De bewindvoerder gaat in verzet tegen het vonnis en met succes. De vordering wordt alsnog afgewezen.

3. Geboekte reis

Een onder bewind gestelde boekt een vliegreis voor zo’n € 1500,-. Omdat de rekening maar niet werd betaald heeft de reisorganisatie de overeenkomst op het laatste moment ontbonden en op basis van hun algemene voorwaarden 90% van de som alsnog in rekening gebracht bij de wederpartij en getracht deze in een gerechtelijke procedure op hem te verhalen. Ook hier komt de bewindvoerder ook pas na vonnis achter deze nieuwe schuld, maar ook nu kan wederom gewezen worden op het niet vooraf raadplegen van het register en wijst de rechter de zaak alsnog af.

Er zijn wel bepaalde uitzonderingen indien er sprake is van contante verkoop/koop van geringe waarde of bij koop betreffende het normale levensonderhoud, maar dan moet het aantoonbaar zijn dat het ondoenlijk is om voor deze transacties het register te raadplegen. In bovenstaande cases oordeelde de rechter echter dat hiervan geen sprake is.

door Agin Otten 23 december 2025
Als u een consument wilt aanmanen tot betaling, schrijft de Wet Incassokosten (WIK) voor dat u eerst een 14-­dagenbrief verstuurt. Zonder deze brief kunt u de incassokosten later niet volledig verhalen. AGIN Otten ziet regelmatig brieven die inhoudelijk niet correct opgesteld en berekend zijn, waardoor deze opnieuw verzonden moeten worden. Hoe voorkomt u dit? Wat moet erin staan? Het openstaande bedrag en factuurnummer. Een betaaltermijn van minimaal 14 dagen, gerekend vanaf de dag ná ontvangst van de aanmaning. Het exacte bedrag aan incassokosten volgens de WIK-staffel (minimaal €40). Het exacte bedrag aan eventueel te vorderen BTW (afhankelijk van het feit of u wel of geen BTW in rekening brengt op uw factuur). Duidelijke betaalinstructies en contactgegevens. Waarom zo strikt? De WIK beschermt consumenten tegen onverwachte kosten. Voor u betekent dit: alleen bij een correcte brief mag u incassokosten én wettelijke rente rekenen. Tip: Verstuur de brief ook per e-mail met leesbevestiging. Zo kunt u aantonen dat de termijn correct is gestart. Met een juiste 14-dagenbrief voorkomt u discussie en vergroot u de kans op volledige vergoeding van kosten. Klik hier om een voorbeeld te vinden van een correcte 14-dagenbrief en tevens een rekenmodule om het juiste bedrag aan incassokosten te berekenen. U treft hier tevens een aantal andere voorbeeldbrieven zoals een aanmaning en ingebrekestelling.
door Agin Otten 22 december 2025
De Hoge Raad heeft op 28 november 2025 prejudiciële vragen beantwoord over de invloed van artikel 3 van het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) op ontruimingsvorderingen (ECLI:NL:HR:2025:1799). Het antwoord op die vragen leidt tot een aanpassing van vereisten die de rechtbank stelt aan de informatie die de verhuurder in zo’n procedure moet verstrekken. De Hoge Raad overweegt dat de rechter, ook bij verstekzaken, verplicht is ambtshalve te onderzoeken of er minderjarige kinderen wonen in de te ontruimen woning. Daarbij moet de rechter ook informatie opvragen bij de verhuurder over welke mogelijkheden er zijn voor alternatieve huisvesting als die informatie niet al door de verhuurder zelf is verstrekt. Belangen van kinderen moeten een ‘eerste overweging’ zijn bij de beoordeling of een tekortkoming van de huurder ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt. Dit betekent niet dat een ontruiming altijd moet worden afgewezen als het in het belang van de kinderen is dat zij in de woning blijven, maar hun belangen wegen wel zwaar mee. Ook de beschikbaarheid van alternatieve huisvesting speelt een belangrijke rol. Daarbij moet worden gekeken naar de kwaliteit en geschiktheid van die huisvesting, waarbij het vermijden van dakloosheid en het voorkomen van scheiding tussen kind en ouders vooropstaan. Tegelijk ligt de primaire verantwoordelijkheid voor het voorkomen van deze gevolgen bij de ouders en de overheid, niet bij de verhuurder. Van woningcorporaties kan meer worden verwacht op het gebied van alternatieve huisvesting dan van particuliere verhuurders. Tot slot kan de rechter bij toewijzing van de ontruimingsvordering rekening houden met de belangen van kinderen door bijvoorbeeld een langere ontruimingstermijn toe te kennen of de beslissing uit te stellen om het zoeken naar alternatieve huisvesting te faciliteren. Onder omstandigheden kan hij ook voorwaarden verbinden, zoals het voorzien in adequate opvang. Naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad verzoekt de rechtbank verhuurders expliciet aandacht te besteden aan de vraag óf er minderjarige kinderen in het gehuurde verblijven én welke mogelijkheden van alternatieve huisvesting er zijn. In tegenspraakzaken zal tijdens de mondelinge behandeling ook aandacht worden besteed aan deze onderwerpen. In verstekzaken zal via een tussenvonnis informatie worden opgevraagd als in de dagvaarding geen (volledige) informatie is opgenomen over de aanwezigheid van kinderen en de mogelijkheden van alternatieve huisvesting.
door Agin Otten 22 december 2025
Misschien heeft u er nog nooit van gehoord: een exploot. Toch kunt u er ooit mee te maken krijgen. Bijvoorbeeld als u een officiële brief ontvangt van een gerechtsdeurwaarder. Zo’n brief kan gaan over een rechtszaak, een betaling of een beslag. De wet zegt dat een gerechtsdeurwaarder dit soort officiële stukken niet op elke dag mag bezorgen. Er zijn dagen waarop dat niet mag. Die dagen heten explootvrije dagen. Voor 2026 zijn deze dagen vastgesteld. Op deze pagina leest u welke dagen dat zijn en wat dit voor u betekent. Ook als u hier nu nog geen ervaring mee heeft. Wat is een exploot? Een exploot is een officieel document dat door een gerechtsdeurwaarder wordt uitgereikt. Bijvoorbeeld: een dagvaarding om voor de rechter te verschijnen; een bericht over beslag; een andere officiële mededeling in een juridische procedure. Het uitbrengen van zo’n document heet een ambtshandeling. Dat betekent dat de deurwaarder dit doet namens de wet en volgens vaste regels. Wanneer mag een exploot niet worden uitgebracht? De wet bepaalt dat een gerechtsdeurwaarder op bepaalde dagen geen exploot mag uitbrengen. Dit zijn de zogenoemde explootvrije dagen. Deze regels zijn er om mensen te beschermen tegen ingrijpende juridische stappen op dagen waarop dat niet wordt verwacht, zoals zondagen en feestdagen. Ze zorgen voor rust en duidelijkheid. Zijn er uitzonderingen mogelijk? Ja, soms wel. In bijzondere situaties kan het nodig zijn om toch op een explootvrije dag een ambtshandeling te verrichten. Dat mag alleen als een rechter daar vooraf toestemming voor geeft. De schuldeiser moet hiervoor een verzoek doen bij de voorzieningenrechter. Zonder die toestemming mag de gerechtsdeurwaarder niet handelen. Explootvrije dagen in 2026 Op de volgende dagen mag een gerechtsdeurwaarder in 2026 geen exploot uitbrengen: Alle zondagen 1 januari - Nieuwjaarsdag 3 april - Goede vrijdag 6 april - Tweede Paasdag 27 april - Koningsdag 5 mei - Bevrijdingsdag 14 mei - Hemelvaartsdag 25 mei - Tweede Pinksterdag 25 december - Eerste Kerstdag 26 december - Tweede Kerstdag Deze dagen zijn vastgelegd in de wet en gelden elk jaar. 2. Gelijkgestelde explootvrije dagen (2026) Daarnaast zijn er dagen die door de overheid zijn aangewezen als gelijk aan een feestdag. In 2026 zijn dat: vrijdag 2 januari 2026; vrijdag 15 mei 2026 (de dag na Hemelvaart) Ook op deze dagen mag een gerechtsdeurwaarder geen exploot uitbrengen, tenzij de rechter daarvoor toestemming geeft. Waarom zijn explootvrije dagen belangrijk? Explootvrije dagen zorgen ervoor dat mensen niet onverwacht worden geconfronteerd met officiële juridische stappen op rustdagen. Dit draagt bij aan rechtszekerheid. Dat betekent: iedereen weet waar hij of zij aan toe is. Voor burgers, bedrijven en de rechtspraak. Wist u dat… een gerechtsdeurwaarder een exploot normaal gesproken alleen mag uitbrengen tussen 07.00 en 20.00 uur? Buiten deze tijden is toestemming van de rechter nodig. een gerechtsdeurwaarder onafhankelijk is? Hij voert de wet uit en kiest geen partij. De inhoud van de zaak beoordeelt de rechter. u een klacht kunt indienen als u denkt dat een gerechtsdeurwaarder zich niet aan de regels heeft gehouden? Dat kan bij de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders . Wat betekent dit voor u? Als u ooit een exploot ontvangt, is het goed om te weten: er zijn vaste dagen waarop een gerechtsdeurwaarder geen exploten mag uitbrengen; uitzonderingen zijn alleen mogelijk met toestemming van een rechter; gerechtsdeurwaarders plannen hun werk zorgvuldig en volgens de wet. Twijfelt u over een document dat u heeft ontvangen? Dan is het verstandig om informatie in te winnen of om advies te vragen. Bron: KBvG
door Agin Otten 19 november 2025
Wat is executoriaal beslag? En wat is het verschil met conservatoir beslag? Ontdek het nu bij AGIN Otten.
door Agin Otten 19 november 2025
Kom er achter vanaf welk bedrag u een incassobureau kunt inschakelen en wat de voordelen zijn van inschakeling. Lees snel verder.
Hoofdelijke aansprakelijkheid
door Agin Otten 19 november 2025
Ontdek wat hoofdelijke aansprakelijkheid is, wanneer je het bent en verschillende voorbeelden.
wie helpt bij een alimentatie achterstand
door Agin Otten 14 november 2025
Heeft u te maken met een alimentatie-achterstand? Dan wilt u uiteraard weten hoe u dat geld alsnog kunt innen. Maar wat doet wie, en wanneer schakelt u welke partij in? In deze blog leggen we het uit.
Veelgestelde vragen over alimentatie en incasso
door Agin Otten 14 november 2025
In deze blog beantwoorden we de meest voorkomende én praktische vragen over alimentatie-incasso en de rol van de gerechtsdeurwaarder.
door Agin Otten 14 november 2025
Alimentatie moet jaarlijks worden verhoogd met een wettelijk vastgesteld indexeringspercentage, tenzij anders is afgesproken. Wanneer indexering jarenlang niet is toegepast, kan er een aanzienlijk bedrag aan achterstallige indexatie ontstaan.
Verjaring van alimentatie
door Agin Otten 14 november 2025
Alimentatie kan verjaren, waardoor u achterstallige bedragen mogelijk niet meer kunt innen. Zowel partner- als kinderalimentatie verjaren per maandtermijn na vijf jaar.